• Topslider-innovatief
  • Topslider-gesprek-1
news consumentenbesteding

Consumenten besteden

opnieuw meer

Consumenten hebben in augustus 1,5 procent meer besteed aan goederen en diensten dan in augustus 2013. Dit is de grootste consumptiegroei in bijna vier jaar tijd. Vooral aan duurzame goederen gaven consumenten meer uit, meldt het CBS op 21 okober 2014. In de mei, juni en juli lagen de bestedingen van consumenten ook op of net iets boven het niveau van een jaar eerder. De stabilisatie en de groei van de consumptie volgen op bijna drie jaar van vrijwel onafgebroken krimp. De consumptiecijfers zijn gecorrigeerd voor prijsveranderingen en veranderingen in de samenstelling van de koopdagen.

Consumenten gaven in augustus 6,6 procent meer uit aan duurzame goederen, zoals kleding, woninginrichting en huishoudelijke apparaten, dan een jaar eerder. Vorige week meldde het CBS dat de omzet van non-foodwinkels in augustus is gegroeid. Vooral kledingwinkels deden goede zaken.

Aan voedings- en genotmiddelen besteedden de consumenten 0,9 procent meer. De bestedingen aan overige goederen, waaronder gas, waren 1,9 procent lager dan in augustus 2013.

Ten slotte gaven consumenten 0,9 procent meer uit aan diensten. Ruim de helft van de binnenlandse consumptieve bestedingen heeft betrekking op uitgaven aan diensten. Het gaat onder meer om het betalen van de huur, reizen met het openbaar vervoer, bezoek aan restaurant of kapper, en kosten voor telefoon en verzekeringen.

Omstandigheden voor consumptie in oktober verbeterd

De omstandigheden voor de consumptie door Nederlandse huishoudens zijn in oktober per saldo verbeterd, blijkt uit de Consumptieradar van het CBS. De ondernemers in de industrie waren minder negatief over de toekomstige werkgelegenheid in hun branche. Ook waren de consumenten minder negatief over hun financiële situatie in het komende jaar, zoals het CBS gisteren publiceerde in zijn bericht over het consumentenvertrouwen in oktober. Ten slotte was de krimp van de beroepsbevolking vergeleken met een jaar eerder kleiner dan in de voorgaande maand.